Pedro Ferdinandus Krieger (ook wel Vermeulen-Krieger genoemd), geboren 10-03-1782 en gedoopt op 11-03-1782 te Monschau (Schleiden) als zoon van Bernardus Krieger en Maria Elizabetha Putz. Overleden op 27-09-1865 te Etten-Leur.
Gehuwd op 31-07-1820 te Leiden met Alijda Johanna Albertina Constantia Achenbach.
Opmerking: Volgens register Ferdinand Krieger geb. 11-3-1782 Monjoi Prov.Limburg Pruisisch z.v. Bernhard en Maria Elizabeth Putz. Volgens Huwelijksakte geb. 10-3-1782 Schleijden.
Bataafse Dienst
13-02-1799 Soldaat 1e halve Brigade
Hollandse Dienst
12-06-1806 Korporaal Koninklijke Garde.
05-01-1807 Sergeant bij het 9e Regiment Infanterie
31-05-1809 Medaille van Koning Lodewijk Napoleon
Franse Dienst
06-10-1810 Adjudant-onderofficier bij het 126e Regiment Infanterie van Linie
26-11-1812 2e Luitenant 126e Regiment Infanterie van Linie
11-1812 Krijgsgevangene Russen
Nederlandse Dienst
02-10-1814 2e Luitenant 25e Bataljon Infanterie Oost Indisch Leger.
20-11-1814 1e Luitenant-Adjudant 25e Bataljon Infanterie.
21-09-1815 overgegaan 2e Bataljon 5e Regiment Infanterie
12-10-1815 geëmbarkeerd te Texel a/b Z.M. Linieschip de Ruyter
29-10-1815 uitgezeild van Texel
24-05-1816 gedebarkeerd Batavia
26-06-1817 Kapitein 2e Bataljon 5e Regiment Infanterie
12-09-1818 RMWO 4de klasse KB 12-09-1818 No56
01-01-1819 Majoor 18e Regiment Infanterie
30-03-1819 Commandant Malakka.
08-12-1820 RMWO 3de klasse KB 08-12-1820 No 67
1822 toegestaan verlof in Nederland
01-1822 derwaarts vertrokken a/b Schip
01-04-1824 toegekend pensioen KB 01-04-1824 No 86
01-06-1829 Majoor Oost Indisch Leger KB 01-06-1829 No 57
06-11-1829 Luitenant-Kolonel Oost Indisch Leger
20-12-1829 geëmbarkeerd te Hellevoetsluis a/b Schip Maria
12-04-1830 gedebarkeerd Batavia
04-12-1830 bij reorganisatie geplaatst 7e Bataljon Infanterie
1832 Militair en Civiel Gezaghebber Padangse Bovenlanden
Commandant 7e Bataljon Infanterie
27-04-1834 toegestaan pensioen GB 27-04-1834 No 14
1834 derwaarts vertrokken a/b Schip Johanna
03-12-1834 aangekomen te Nieuwe Diep
21-01-1845 Ridder Orde van de Eikenkroon
1806 t/m 1809 In Pruisen. Bij de Noord Armee onder de orders van de Generaals Dumonceau en Gratin.
In 1806 bijgewoond de affaire bij Harmeln.
Bijgewoond de affaire van Straalsund en door den Koning van Lodewijk Napoleon een Zilveren Medaille geschonken, ter belooning van zijne dapperheid in de affaire van Straalsund op den 31 mei 1809.
1809 In Zeeland
1810-1811 Bij Fransche Armee onder orders van den Prins van Ponto Corvo.
1812 t/m 1814 In Rusland.
Op 31 oktober, 12 t/m 15 en 27 november 1812 bij gevechten bij Berezina. Krijgsgevangene Russen.
1815 In Zuid Nederland en Frankrijk.
Bij de Nederlandsche Armee onder de orders van Z.K.H. Prins Frederik der Nederlanden.
1817-1818 Molukken.
Bij Expeditie naar de Mollukos onder de orders van den Schout Bij Nacht Buyskens. Bijgewoond op den 11 november 1817 de affaire op het Eiland Saparoea, in de linkerborst en hand geblesseerd en het kommando in die affaire overgenomen.
1818 Java.
Den 8 augustus 1818 in de affaire tegen den Inlandschen vijand in het Cheribonsche gecommandeerd
1820 Riouw. Expeditie naar Riouw.
Op 21 januari 1845 benoemd tot Ridder der Orde van de Eikenkroon, in plaats van de indertijd door den Koning van Lodewijk Napoleon aan hem geschonken Medaille, ter belooning van zijne dapperheid in de affaire van Straalsund op den 31 mei 1809.
Bijlage 1 Huwelijksakte Leiden 31-07-1820 Akte 118 folio 58v
Bijlage 2 Opregte Haarlemsche Courant 02-10-1865 No 231 Overlijdensbericht