Jacobus Dominicus van der Smissen, gedoopt 01-10-1788 te Brussel als zoon van Henrici van der Smissen en Maria Anna van Haelen. Overleden 05-02-1856 te Homburg .
Gehuwd op 02-10-1816 te Antwerpen met Louise Catherine Colleton Graves
Opmerking: Volgens register Jonkheer Jacobus Lodewijk van der Smissen geb. 20-10-1786 Leuven z.v. Hendrik en Maria Anna Angelica van Haelen, overl. februari 1856 te Homburg ( zie Handelsblad van den 11 febr. 1856 2e Editie). Volgens Certificaat Legioen van Eer geb. 20-10-1786 Louvain en stukken aanvraag (bijlagen) geb. 1790 Brussel. Volgens officiers Dossier geb. 21-10-1788 Brussel. Volgens doopextract ged. 1-10-1788 Jacobus Dominicus z.v. Henrici van der Smissen en Maria Anna van Haelen
Franse Dienst
01-02-1805 Kanonnier 3e Regiment Rijdende Artillerie
01-05-1806 Fourier
15-05-1807 Wachtmeester
01-01-1811 2e Luitenant
21-03-1811 1e Luitenant
01-08-1812 Kapitein
1e Regiment du Garde d’Honneur
29-05-1813 afgegaan met pensioen
02-04-1814 Ridder Legioen van Eer
Nederlandse Dienst
06-02-1814 Majoor Belgische Lanciers
01-03-1814 Majoor Belgische Rijdende Artillerie
1815 Majoor Rijdende Artillerie 3e divisie
18-07-1815 RMWO 3de klasse KB 18-07-1815 No 68
15-08-1818 eervol ontslag
17-08-1818 verheven in de Adelstand met titel Jonkheer
Belgische Dienst
10-1830 Ondercommandant Burgerwacht
1830 Luitenant-Generaal & Bevelhebber Belgisch Garnizoen Antwerpen
27-01-1831
1831 gevlucht naar Pruissen
1807 t/m 1809 In Oostenrijk.
In denzelven gewond door een kogel bij de Bataille van Wagram.
1812-1813 In Rusland.
Den 31 juli 1812 gewond door een kogel bij de affaire te Polosk.
In Rusland gewond door een kanonskogel.
1815 in Zuid Nederland onder de orders van de Hertog van Wellington.
Hebbende bij de Bataille van Waterloo, als Commandant der Artillerie der 3e Divisie onder de orders vzn Zijne Exe: den Lt-Generaal Baron Chassé met een Batterij Rijdende Artillerie tegen een massa der oude Franschen Garde gevuurd en hun veel schade toegebragt, waarbij twee paarden onder hem zijn doodgeschoten. Heeft den avond van den 18e door Lord Hill veele eervolle betuigingen ontvangen over deszelfs gehouden gedrag gedurende de Bataille.
In januari en februari 1831 liet zich overhalen om over te lopen naar het contrarevolutionaire kamp, maar de voorbereidingen tot deze staatsgreep werd verijdeld doordat enkele lagere officieren op 25 maart 1831 weigerden zich aan te sluiten. Doordat hij tijdig werd gewaarschuwd wist hij te vluchten naar Pruisen.
In 1841 was hij betrokken bij een poging tot Orangetische staatsgreep. Deze samenzwering
kwam aan het licht en hij werd gevangen gezet in de Kazarne Kamelietenstraat te Brussel en door het Hof van Assisen van Brabant ter dood veroordeeld. Hij slaagde erin om op 7 november 1842 te ontsnappen, waarna hij de rest van zijn leven in Pruisen in ballingschap verbleef.
Bijlage 1 Doopextract Huwelijksbijlage Antwerpen 02-10-1816 Akte 361
Bijlage 2 Algemeen Handelsblad 11-02-1856 No 7540 Overlijdensbericht
Bijlage 3 Certificaat Legioen van Eer